VNG Magazine juni 2026 - Flipbook - Page 14
Wat wilt u dat gemeenten en hun
bestuurders van u weten?
‘Dat ik ervan overtuigd ben dat we de grote opgaven
alleen samen kunnen aanpakken. Niet tegenover elkaar
staan, maar naast elkaar. We werken aan een samenwerkingsagenda voor de komende jaren en de bijdrage
van de medeoverheden is daarbij van groot belang. Zij
hebben de kennis over de lokale praktijk. Daarom willen
we in co-creatie werken, overeenkomstig de aanbevelingen van de Studiegroep Interbestuurlijke Verhoudingen.
En ik wil dat lokale bestuurders weten dat we hier in
Den Haag achter ze staan.’
U bent aangetreden als minister met een
duidelijke agenda. Wat ziet u als uw eerste
prioriteit?
‘Toen ik als beoogd minister vertrok bij de formateur
heb ik een aantal ambities benoemd: een weerbare
democratie, vitale regio’s, maar ook heel nadrukkelijk
het herstellen van de relatie met
de medeoverheden. Want bij
mijn aantreden als minister zag
ik een zoektocht naar betere
verhoudingen, na een periode
waarin men tegenover elkaar is
komen te staan. Het rapport van
Han Polman over interbestuurlijke verhoudingen nam een centrale plek in het coalitieakkoord
in, en gaf een mooi startpunt
voor een frisse start.
Lokale politici houden Nederland draaiende. Ze zorgen
ervoor dat onze democratie werkt tot op het niveau
van de straat. Ze zetten zich hier met hart en ziel voor
in, vaak naast een baan. Het is onacceptabel dat zij te
maken krijgen met bedreigingen. Naast het belang van
het herstellen van de bestuurlijke verhoudingen beseffen we in Den Haag dat we moeten opstaan voor onze
lokale bestuurders en raadsleden.’
Hoe kunt u hen helpen?
‘Door achter ze te gaan staan: ons actief uitspreken in
het publieke debat, contact opnemen met bedreigde
bestuurders en vanuit BZK ondersteuning bieden.
Denk aan het ondersteunend Netwerk Weerbaar
Bestuur en middelen om veilig te kunnen vergaderen.
Sinds ik minister ben, heb ik te vaak moeten bellen om
geïntimideerde of bedreigde lokale politici bij te staan.
Dat is onaanvaardbaar en daar moeten we ons tegen
blijven uitspreken. Ook als kabinet. In april hebben
we daarom gezamenlijk advertenties in landelijke kranten
geplaatst en een video gepost op
sociale media.
Ik wil dat
lokale bestuurders
heb ook uitgesproken dat de
weten dat we hier Ikmanier
waarop wij het debat hier
in
Den
Haag
voeren, direct merkin Den Haag achter
baar is voor de mensen die lokaal
ze staan
het democratische werk doen. We
Samen gaan we aan de slag met de grote opgaven,
van ons land. De woningnood is bijvoorbeeld groot, en
dat raakt vele mensen: het tekort aan huizen, netcongestie. Daarnaast gaan we ook aan de slag met
bestaanszekerheid, jeugdzorg en vergrijzing, om maar
enkele belangrijke zaken te noemen. Ik ben ervan
overtuigd dat je alle ambities die er nu liggen alleen
maar samen met de medeoverheden – en speci昀椀ek
met gemeenten – kunt realiseren. Een focus op
co-creatie past dan ook heel erg bij mij.’
14 | VNG MAGAZINE
hebben met zijn allen de verantwoordelijkheid onze woorden te
wegen. We moeten olie op de golven gooien, niet op
het vuur.’
De spanningen rondom de opvang van
vluchtelingen zijn direct voelbaar bij gemeenten. Hoe wil het rijk hen helpen?
Vlak na uw aantreden ging ook een nieuwe
lichting raadsleden van start. Wat krijgt u mee
van de spanningen die lokale politici ervaren?
‘Het kabinet erkent dat de asielopvang gemeenten
voor een bijzonder ingewikkelde opgave stelt. Hier
trekken we schouder aan schouder op. Geweld,
intimidatie en ondermijning zijn onacceptabel. Politie
en OM zetten actief in op opsporing en vervolging. En
tegelijkertijd: de Spreidingswet is geldende wetgeving
en moet door gemeenten worden uitgevoerd. Dit zijn
democratisch genomen besluiten die gerespecteerd
moeten worden. Zo werkt het in ons land.
‘Eigenlijk werd mij al vanaf de eerste week heel indringend duidelijk hoe erg lokale bestuurders en raadsleden in de wind staan van de spanningen in de
samenleving en de polarisatie die ook hier in Den
Haag plaatsvindt. Tijdens de gemeenteraadscampagne kwam dit in elk werkbezoek naar voren. Raadsleden, wethouders en burgemeesters kregen om
allerlei redenen te maken met intimidatie en bedreiging. De verhalen die ik hoorde, waren heftig.
Wat je nu speci昀椀ek ziet rondom de noodopvang van
vluchtelingen, is dat met name kleine gemeentes
behoefte hebben aan meer ondersteuning. Zowel in
de communicatie als in de kennis over juridische
mogelijkheden en eventuele noodmaatregelen. Daar
hebben de burgemeesters en de VNG ook om verzocht. In het spoedoverleg van 18 mei is toegezegd
dat er op korte termijn een ondersteuningsteam asiel